De bandenboer en oorarts

Na een paar dagen bij de Kalandula waterval gaan we weer op pad, verder naar het zuiden. We rijden naar de Pedras Negras, de zwarte rotsen. Het gebied staat bekend als een van de beste gebieden om te klimmen in Angola. Dat zijn we niet van plan, maar de omgeving willen we wel bewonderen. Als we aan komen rijden zien we de rotsen opvallend uitsteken boven de rest van de vegetatie en het landschap is prachtig. We rijden even rond in het gebied en gaan dan op zoek naar een wildkampeerplek. We vinden een mooie afgelegen plek in de bush met een mooi uitzicht op de rotsformatie. We zijn lekker op tijd dus genoeg tijd om rond te wandelen en van de omgeving te genieten. Ook checken we de banden en die blijven gelukkig op de juiste spanning. Het plakken bij de rivier bij de Kalandula waterval heeft geholpen. Langzaamaan gaat de middag over in de avond. De zonsondergang is ook hier weer prachtig en kleurt de lucht langzaam donkerblauw, oranje en paars. We koken een lekkere vispasta en kruipen dan onder de wol. Het wordt ook hier vroeg donker. En als het donker is, is het ook echt donker. Dat betekent wel weer een waanzinnig mooie sterrenhemel waarbij je de melkweg heel duidelijk kunt zien…

De volgende dag zijn de bandjes nog steeds vol. We komen die ochtend langzaam op gang en nemen de tijd. We ontbijten en wandelen nog wat in de omgeving en dan gaan we op pad. We rijden we verder richting het zuidwesten. We willen de Binga waterval bezoeken. De wegen zijn de eerste kilometers nog redelijk maar in de loop van de dag verschijnen er meer potholes in de weg. Omdat we laat zijn vertrokken die ochtend redden we het niet de Binga waterval die dag te bereiken. Het is al laat in de middag en we kijken uit naar een slaapplek in het eerstvolgende stadje. Daar is gelukkig een hotel waar overlanders op het terrein mogen slapen. Nog 5 kilometer te gaan als we een raar geluid horen….flap, flap, flap, flap, flap. Ivo trapt direct op de rem en zet de bus langs de kant. Een hele lege, lekke band en compleet naar de filistijnen door het schaven langs het asfalt. Grrrrrrrr…..gaan we weer. Gelukkig hebben we de reserveband. Ivo haalt de gereedschap tevoorschijn en begint aan het verwisselen van de band. Dat gaat voorspoedig. Wel zien we tegelijkertijd dat een van de andere banden er ook weer behoorlijk zacht uitziet. En bij het meten blijkt inderdaad dat ook die weer langzaamaan leegloopt. Zucht….die moet gerepareerd worden.

Gelukkig zijn we vlakbij een redelijk groot stadje, Quibala, waar altijd wel een bandenreparatie shop te vinden is. Terwijl Ivo de rechter voorband aan het verwisselen is, komen er wat locals kijken. Ze gaan op een meter afstand staan en volgen elke beweging aandachtig. Na een halfuurtje zit de reserveband op zijn plaats. Een van de mannen die op Ivo’s vingers heeft staan kijken vraagt vervolgens of we geld hebben. Nee! Hoezo? Hij heeft geen vinger uitgestoken! Sigaretten dan? vraagt hij vervolgens. We kijken elkaar verbluft aan en schudden nee. Omgekeerde wereld. Betaald krijgen voor niets doen. Ondertussen is het eind van de middag en moeten we nog een band gerepareerd zien te krijgen en een slaapplek zien te vinden. We ruimen het gereedschap op en rijden langzaam naar Quibala. Aan de hoofdstraat zien we direct een repairshop. Gelukkig. We rijden erheen en de jongens gaan direct aan de slag. Het lukt echter niet de band gerepareerd te krijgen en inmiddels is het donker.

We geven het op en besluiten de volgende dag verder te gaan. We moeten tenslotte ook nog een slaapplek zien te vinden. Gelukkig is het hotel waar we kunnen slapen geschikt en ook nog voor een redelijke prijs. We installeren ons voor de nacht en gaan vervolgens op zoek naar een restaurantje om te eten. Verderop in de straat vinden we een leuk eettentje met heerlijke vis. Als we uitgegeten zijn wandelen we terug naar het hotel en kruipen onder de wol. Morgen op tijd op pad voor de banden.

De jongens van de repairshop adviseerden binnenbanden te kopen voor de kapotte band, dus Ivo gaat vroeg op pad om achter de binnenbanden aan te gaan. Met binnenband kunnen we er nog weer een tijdje mee vooruit. Het gevaar is wel dat als de band onderweg leegloopt we er zelf niets meer aan kunnen doen. Het moet maar. In Lobito, een grote stad aan de kust, willen we op zoek gaan naar nieuwe banden, maar dat ligt niet naast de deur dus we moeten het er maar mee doen. Ook de gare band lappen we zo goed en zo kwaad als het gaat op met een binnenband, zodat we in ieder geval een reserveband hebben. Ookal zien we het rijden met zo’n slecht reserveband niet echt zitten. De zijkant is zo versleten door het schaven over de weg toen de band leegliep, dat het gevaarlijk kan zijn ermee te rijden. Maarja, de band gaat toch maar mee, als noodoplossing als we van god en alles verlaten weer lek rijden. Ivo neemt alle banden die we willen oplappen op een motortaxi mee naar de repairshop zodat de bus op de camping kan blijven staan. Na een klein uurtje keert hij weer terug en hebben we weer 5 volle banden. Voor zolang als het duurt….

De volgende dag zetten we koers naar de Binga waterval, zoals gepland. De bandjes hebben de nacht goed doorstaan dus we hebben er alle vertrouwen in. Na de Binga waterval willen we naar Lobito, een grote stad waar zeker nieuwe banden te kopen zijn. De route naar de Binga waterval is mooi. Het is wat minder saai en kaal dan we eerder van Angola gezien hebben. Er groeien meer bossen en het is dus groener. De weg slingert langs mooie kleine dorpjes die tegen de groene berghellingen aangeplakt zijn.

Onderweg kopen we verse avocado’s, bananen en heerlijke zoete aardappels. De aardappels zijn er in overvloed en kosten dan ook slechts een paar centen. Aan het eind van de middag komen we aan bij de Binga waterval. Er is een picknick plek bij gebouwd, tegen de helling aan. Onderaan de helling rij je zo met de auto het strand op en kun je aan de waterkant kamperen. Honden geen probleem. Heerlijk. In het water liggen een paar waterfietsen en een paar plastic bootjes voor de verhuur. En over het hele terrein verspreid liggen glasscherven. Blijkbaar kennen ze het concept prullenbak ook nog niet hier en smijten ze de rommel gewoon op de grond en in het water. Leuke uitdaging om onze toch al gammele banden heel te houden…

Desondanks is het een fanatische plek en vermaken we ons opperbest. Anda kan er lekker rondstruinen en ploetert dan ook de hele dag in het water. Uiteraard wordt ze vriendjes met de jongen die het terrein beheerd. We blijven er drie nachten en genieten volop. Dan is het tijd om richting Lobito te rijden. We moeten toch echt op bandenjacht. Het lukt om heelhuids en zonder gaten het met glas bezaaide terrein te verlaten en op weg te gaan naar Lobito. De weg naar de havenstad toe is een verschrikking. Grote delen gravel met potholes en veel omleidingen omdat ze met de weg bezig zijn. Sommige stukken zijn zo stoffig dat je nog geen twee meter zicht hebt.

20180606_121303

En hoe dichter we bij Lobito komen hoe drukker het wordt met bussen en vrachtverkeer. Na een paar uur ploeteren nemen we even een pauze. We parkeren langs de kant van de weg en stappen uit. Nog geen minuut later hoort Ivo een gil. En nog een keer. Ivo rent naar Karin toe en ziet haar rondspringen met een hand op haar oor. ‘Een beest, er zit een beest in mijn oor’, schreeuwt ze. Ivo rent naar de EHBO kit om een pincet te pakken en in de tussentijd springt Karin volledig in paniek en in tranen op de parkeerplaats rond. Ivo probeert het monster nog te pakken te krijgen met een pincet maar tevergeefs. Het beest is zo diep in het oor gekropen dat hij het niet eens meer kan zien. Uit wanhoop grijpt Karin in de camper naar de fles olijfolie en giet haar oor vol om het beest te verzuipen. En misschien glijdt’ie er vanzelf wel uit met de olie. Maar helaas, het beest heeft zich stevig in de gehoorgang vastgezet en gaat niet meer voor- of achteruit. Tja…het was ook al een tijdje geleden dat we een ziekenhuis van de binnenkant hadden gezien… Grrrrrrr. Dat wordt geen bandenboer maar een oorarts in Lobito…

De weg naar Lobito is lang met een beest in je oor. Heeeeeeeel erg lang. En zeker een weg vol stof, potholes, omleidingen, zand en gravel. Na een paar uur zien we eindelijk Lobito opdoemen in de verte. Nu nog een betrouwbaar ziekenhuis zien te vinden. Altijd een leuke uitdaging in Afrika. We rijden eerst naar Lobito en vragen aan wat locals naar een goed ziekenhuis. Ze verwijzen door naar de stad ten zuiden van Lobito, Benguela. Dat is zo’n 35 km verderop. Er zit niets anders op. We rijden naar Benguela en vinden het ziekenhuis gelukkig snel. Als we het gebouw binnen lopen zien we een lege, enigszins vervallen receptie. Dat belooft niet veel goeds. We lopen het gebouw door en komen uiteindelijk een verpleger tegen die ons wil helpen. In ons beste Portugees, wat heel erg minimaal is, maken we duidelijk dat er een zeer ongewenste indringer in het oor van Karin zit en er ook niet meer uit wil. Oeiiiiii, roept de verpleger en trekt een gezicht alsof hij in een zure citroen bijt. Ja, oeiiiii, ja! En het beest moet er vandaag nog uit! De verpleger neemt ons mee verder het ziekenhuis in naar een kamertje. Daar zitten een aantal verpleegsters niets te doen. We leggen het probleem uit en en van de verpleegsters geeft aan dat Karin op een stoel mag gaan zitten. Dan pakt ze er een lamp bij die in de hoek van de kamer staat om de ruimte te verlichten en wil ermee in haar oor kijken. Ondertussen hebben we al genoeg gezien. Als er geen apparaatje is om in het oor te kijken, en ze moeten er een gewone lamp voor gebruiken, dan zitten we duidelijk op de verkeerde plek. Ze kijkt even in het oor maar ziet niets. Nee, dat hadden we ook al vastgesteld. Dan zegt een van de verpleegsters dat ze een verdovingsmiddel in het oor kan spuiten en dat het beest er de volgende dag vanzelf uitkomt. Ja, ja…zeker nog een hele lange, lange, lange nacht met een beest in het oor. Dat gaat niet gebeuren. Dat mormel moet eruit! Bovendien, aan Karin’s lijf geen polonaise met spuiten en verdovingsmiddelen in het oor. Een echte oordokter hebben we nodig. We geven aan dat we dat geen goede oplossing vinden en vragen of er geen ander ziekenhuis is. Dan zegt een van de verpleegsters dat er een kliniek vlakbij is. Dat klinkt goed. Hopelijk een privékliniek. Dat blijkt inderdaad zo te zijn. Halleluja! Dat moet goed komen. We lopen snel aan de voorkant het ziekenhuis uit op weg naar de wagen. Aan de voorkant van het ziekenhuis zit en lange rij mensen te wachten tot ze geholpen worden. Dan ben je toch heel dankbaar dat je betere zorg kunt betalen en niet in die situatie zit…

Snel rijden we naar het juiste adres. Gelukkig is het slechts een paar straten verderop. We parkeren de wagen voor de kliniek en lopen naar binnen. Er is warempel een bemande receptie en het is druk. En het is schoon. En het verplegend personeel is warempel aan het werk. Wauw. Dit is de juiste plek. We vertellen wat het probleem is en schrijven ons in. Dan is het wachten geblazen. Na een halfuur zijn we aan de beurt en worden we opgehaald door een vrouwelijke arts in een witte jas. Ze gaat ons voor naar de behandelkamer. De arts heeft kort, rood haar en ze kijkt erg streng. Gelukkig praat ze Engels, maar met een sterk Russisch accent. Met haar valt niet te spotten. Slik. Ze wijst naar de stoelen waarop we plaats mogen nemen. Ondertussen vertelt ze dat ze uit de Oekraïne komt. Mmmm, ok. Zijn ze daar goed met oren? Dan vraagt ze wat het probleem is. Karin wijst naar haar oor en geeft aan dat er een beest in zit dat er dringend uit gehaald moet worden. Dan pakt dokter Helga haar zwarte, leren tas van de grond en opent de tas op haar bureau. En jawel, ze haalt er een apparaatje uit om in het oor te kijken. Ook het andere oor bekijkt ze. Dan knikt ze stellig en haalt een grote spuit uit haar koffertje die ze voor Karin’s neus heen en weer zwaait. ‘To clean the ear, with water’, zegt Helga. Yessss! knikt Karin instemmend. Dat is de bedoeling. Spuit erin en spoelen maar. Weg met dat smerige beest in het oor. Dokter Helga gaat met het water en de spuit aan de slag en ondertussen plant ze het spoelbakje om het water op te vangen stevig in de nek van Karin, onder het oor. ‘You sit still’, commandeert ze. ‘Euh ja, ja…I sit still’, piept Karin.

Helga gaat voortvarend aan de slag. Ze propt de spuit in Karin’s oor en begint stevig te spoelen. Na enkele keren is het ene oor schoon en ligt de troep in het bakje. Bah! Daarna volgt het onverbiddelijk het andere oor, ook al is dat niet nodig. Ook die is na enkele keren spoelen weer lekker doorgesmeerd. Karin kijkt opgelucht en wil al opstaan, maar Helga kijkt met een ijzige blik naar de stoel. Karin is nog niet klaar. Slik. Helga rommelt in haar zwarte dokterstas en haalt er een ijzeren pinnetje uit. Daar wikkelt ze een propje watten op, waarmee ze even lekker in Karin’s oor wil gaan roeren. Nou, dat gaat niet gebeuren. Karin trekt haar hoofd naar achteren en Helga probeert uit alle macht het pinnetje in het oor te wrikken. ‘No, no, no! Not necessary!’, roept Karin. Hmmm! Hoofdschuddend stopt Helga het pinnetje weer in haar tas. Dan haalt ze er een tangetje uit en wikkelt er een steriel gaasje om. Voor Karin er erg in heeft propt dokter Helga het gaasje in het oor waar het beest in zat. De bedoeling is het 24 uur te laten zitten.
Pfff, nou we zijn er wel klaar mee en bedanken dokter Helga uitvoerig. Dan ontdooit ze wat en glimlacht zelfs. We mogen gaan. Het beest is weg en de oren zijn weer schoon. Zodra we in de auto zitten peutert Karin het gaasje uit haar oor, waarna ze nog dagen last van een klapperend trommelvlies heeft. Rare oordokters daar in het oostblok, maar goed, het monster is in ieder geval verwijderd en we kunnen weer verder. Op naar nieuwe banden. Dat is gelukkig geen enkel probleem in Lobito. De volgende dag hebben we twee nieuwe banden en rijden we langs de kust verder naar het zuiden.

IMG_20180614_115253675

5 gedachtes over “De bandenboer en oorarts

  1. Holy shit! Een beest in je oor! Gatver 😣
    Verbazen jullie je nog vaak? Of treedt er ook gewenning op? Hebben jullie al een keer gedacht: hier zou ik me willen vestigen? Ik ben benieuwd.
    Komen jullie überhaupt ooit terug? Ik hoop natuurlijk van wel maar jullie zijn het nog lang niet zat volgens mij. Klopt dat? Warme groet vanuit een beginnend herfstig nederland.
    Ik heb een mooie foto van een paddestoel . App ik wel naar jullie. Groetjes. Dorina

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s